Wat als je als hulpverlener nabestaande wordt?

Geplaatst door: Lore Vonck

Werkgroep Verder

Wanneer je als hulpverlener een cliënt aan zelfdoding verliest, heeft dit een enorme impact op jou als persoon en op jou als hulpverlener. Op professioneel vlak kan je bijvoorbeeld beginnen twijfelen aan jouw eigen competenties en vormt de zelfdoding vaak de aanleiding voor een andere aanpak. Maar ook op persoonlijk vlak, start jij als hulpverlener, en dus betrokkene, een rouwproces na zelfdoding. Net zoals familieleden en vrienden, houdt dit o.a. gevoelens van ongeloof, schaamte, boosheid, machteloosheid,  angst & verdriet in.

Rouwen na een zelfdoding is vaak een complexer proces dan bij andere doodsoorzaken door o.a. onbeantwoorde vragen en, mogelijks heftige, gevoelens van afwijzing, schaamte en schuld. Hoe je rouwt, welke emoties je voelt, hoe je reageert en aan welk tempo je rouwt, verschilt voor elk individu. Vergelijk jouw emoties, gedachten en gedragingen dus niet met anderen: enkel jij voelt wat je nodig hebt en hoe zwaar de impact is. En ook jij, als hulpverlener, mag en zal rouwen. Een zelfdoding blijft dan ook in het geheugen gegrift en kan het professioneel handelen nadrukkelijk en nog geruime tijd na het overlijden beïnvloeden. Meer dan één derde van de hulpverleners die een suïcide van een patiënt meemaken, ervaren daardoor ernstige psychische problemen, die aanhouden tot minstens een jaar na de suïcide.

Ondersteuning en hulp is hierbij van groot belang: dit heeft een beschermend effect op jouw psychisch welzijn. Deze hulp kan zowel formeel als informeel zijn en zowel op individueel als op teamniveau. Zelfzorg, praten, intervisies of supervisies, ondersteuning krijgen en met jouw rouw aan de slag gaan zijn hierin belangrijke componenten.

Hierbij nog even enkele concrete tips wat jou hierin kan helpen:

  1. Neem contact op met de familieleden en geef hen de nodige informatie mee
  2. Woon de uitvaart bij of indien niet mogelijk: een eigen afscheidsritueel zoals een brief naar de overledene of een herdenkingsmoment
  3. Zorg voor formele en informele ondersteuning door bijvoorbeeld supervisie, teambespreking, opvang door stress-team in een psychiatrisch ziekenhuis, etc…
  4. Bespreek de zelfdoding, bijvoorbeeld in team- en intervisieverband, om te evalueren. Hierbij is het belangrijk dat dit gebeurt in een open en veilige omgeving waar schuldgevoelens en andere reacties kunnen besproken worden. Het kan overwogen worden om ook de huisarts van de patiënt of cliënt hierbij te betrekken. (meer info)
  5. Lees de nodige informatieve bronnen (In onze brochure 'Rouwen op de Werkvloer' vind je meer info over rouwprotocollen en rouw na zelfdoding van een cliënt) en volg, eventueel als team, een opleiding over suïcide-postventie (meer info)
  6. Praten over de zelfdoding met vrienden, familie en met andere hulpverleners, wordt door sommigen als helpend ervaren. Voor anderen heeft gewoon terug aan het werk gaan een gunstige invloed uitoefent op het verwerkingsproces. Hier telt opnieuw vooral wat jij voelt waar je nood aan hebt!

 

De familie ondersteunen

Zoals je al kon lezen, wordt het aangeraden om als hulpverlener in contact te gaan met de nabestaande familieleden. Zij hebben behoefte aan het begrijpen van de oorzaak en aanleiding van de suïcide. Het zoeken naar antwoorden is dan ook essentieel voor de verwerking van de suïcide. Veel nabestaanden blijven achter met de vraag naar het waarom van de suïcide en wat hun rol daarin geweest is. Aanbevolen wordt om binnen de grenzen van het beroepsgeheim alle informatie te geven die kan helpen om de suïcide te kunnen begrijpen.

Als hulpverlener kan je een nabestaande ook helpen door het rouwen te normaliseren. Geef aan dat iedereen anders rouwt en dat de duur ervan verschilt van persoon tot persoon. Verwijs hen door naar hulp- en ondersteuningsmogelijkheden zoals lotgenotencontact. Alle nodige informatie en doorverwijzingsmogelijkheden voor de naaste familieleden vind je terug in de ‘Gids na Zelfdoding’, geef deze brochure aan hen mee zodat ze alle nodige informatie meteen op papier hebben  (lees en download deze hier).

 

Meer informatie over wat je als hulpverlener kan doen na een suïcide vind je in onze richtlijnen en e-learning.

 

Als een hulpverlener een familielid of vriend verliest aan zelfdoding...

Ook wanneer je als hulpverlener in jouw privé-leven iemand verliest aan zelfdoding start je een intens rouwproces met de voorafgenoemde emoties en gedachten. Twee moeders die werken in de hulpverlening en zelf een dochter verloren aan zelfdoding schreven hierover elk een ondersteunend boek dat jou de nodige ondersteuning, herkenbaarheid en begrip kunnen aanbieden.

  • Psychiater Stanneke Lunter - 'Geen pijn geen angst geen leven, de veerkracht voorbij'
  • Pyscholoog Elsbeth Kuysters  - 'Moederhart vol rouw en liefde'

 

Voor meer informatie, advies op maat, vormingen e.a. kan u terecht bij 'Werkgroep Verder na Zelfdoding', deelwerking van VLESP met expertise in rouwen na zelfdoding en verantwoordelijk voor o.a. het organiseren van kwaliteitsvol lotgenotencontact.

 

 

© Zelfmoord1813 - disclaimer